Nieuws
Publicatiedatum: 7 april 2021
Coronamaatregelen

Corona-ontkennende werkgever moet werknemer meer dan een ton betalen

Werkgevers kunnen de coronacrisis maar beter serieus nemen. Dat blijkt wel uit de uitspraak van de kantonrechter op 15 maart. Door de ernst van de coronacrisis weg te wuiven is een werkgever meer dan een ton verschuldigd aan een gedupeerde werknemer. De rechter stelt dat de werkgever ernstig verwijtbaar heeft gehandeld en niet de werknemer, zoals de werkgever had aangevoerd.

Casus

De werknemer was kwaliteitsmanager bij een bouwbedrijf. Na de eerste corona-uitbraak in maart 2020, raakte beide partijen in discussie over de corona-richtlijnen op de werkvloer. De werkgever bagatelliseerde corona door te stellen dat besmette werknemers helemaal niet in quarantaine hoefden. Corona was immers een griepje, vond zij. Daar was de kwaliteitsmanager het niet mee eens. Hij maakte zich zorgen over zijn veiligheid en gezondheid en die van zijn collega’s. De onveilige situatie tussen de werknemers en op de werkvloer bleef aanhouden.

Etentje

Na afloop van een vergadering van het managementteam had de werkgever een etentje geregeld. Nog vóór het etentje begon, verliet de werknemer het restaurant. Het was volgens hem niet mogelijk om anderhalve meter afstand te houden, zoals het RIVM dat dringend adviseerde. Een week na het etentje kreeg de werknemer ineens te horen dat zijn jaarlijkse bonus werd verlaagd van € 20.000 naar € 2.000.

Ziekmelding

Kort daarna meldde de medewerker zich ziek. Terwijl hij nog niet eens een afspraak met de bedrijfsarts had, zette de werkgever alvast een vacature open voor zijn functie. Gesteggel over zijn arbeidsgeschiktheid volgde, maar zowel bedrijfsarts als UWV concludeerde dat de werknemer gewoon aan het werk kon. Wel adviseerde de bedrijfsarts de werknemer om eerst nog een periode rust te nemen. Omdat hij tijdens zijn rustperiode niet in gesprek wilde met de werkgever, besloot deze de verplichte loonbetaling stop te zetten.

Uitspraak rechter

Vervolgens stapte de werkgever naar de rechter om de arbeidsovereenkomst te ontbinden. De werknemer zou verwijtbaar hebben gehandeld (e-grond) en schuldig zijn aan het verstoren van de arbeidsverhouding (g-grond). Hoewel de rechter het eens was met beide partijen dat de arbeidsverhouding ernstig verstoord was, vond hij dit niet de schuld van de werknemer. Volgens de rechter was de werkgever juist degene die ernstig verwijtbaar heeft gehandeld. Niet alleen door de RIVM-maatregelen niet na te leven, maar ook door aan te sturen op het beëindigen van de arbeidsovereenkomst terwijl de werknemer ziek thuis zat, daarbij eerst het advies van de bedrijfsarts te negeren en vervolgens het loon stop te zetten.

Meer dan een ton

De werkgever moet na de uitspraak diep in de buidel tasten. De werknemer heeft recht op een transitievergoeding van ruim € 38.000 en billijke vergoeding van ruim € 58.000. Ook krijgt de werknemer de resterende € 18.000 van zijn bonus. Bij elkaar ongeveer € 116.000. Tot slot krijgt de werknemer, een nabetaling van achterstallig loon, vakantiebijslag en niet-opgenomen vakantiedagen mét de maximale wettelijke verhoging van 50%.

Uitgelicht
Uitgelicht