Checklists
Laatst gewijzigd op: 27 september 2019

Risico-inventarisatie en -evaluatie

In het kader van uw arbobeleid is het verstandig de gezondheids- en veiligheidsrisico’s in uw organisatie in kaart te brengen en aan te pakken. Met de risico-inventarisatie- en evaluatie (RI&E) kunt u bestaande risico’s nog gerichter aanpakken. Een RI&E opstellen en uitvoeren is niet alleen verstandig: de Arbowet verplicht alle organisaties met personeel om de risico’s te inventariseren en te evalueren middels een RI&E. In deze checklist vindt u de handvatten om een volledige en actuele RI&E te maken en de risico’s in uw organisatie daarmee in te perken.

Uitvoeren

Zelf opstellen of laten uitvoeren: het maakt niet uit, zolang er maar een RI&E komt. Uitbesteden kan aan uw arbodienst of bij gespecialiseerde bedrijven. Gaat u zelf aan de slag, dan staan u genoeg hulpmiddelen en methoden ter beschikking. Ook hierbij kan de arbodienst u van dienst zijn, met bijvoorbeeld een invulmodel voor de RI&E. Daarnaast zijn er branche-RI&E’s. Deze zijn meestal gratis verkrijgbaar en voor een groot deel afgestemd op de meest voorkomende risico’s in uw branche. Soms zijn deze opgenomen in de cao.

Op zoek naar de RI&E van uw branche? Op www.rie.nl staan alle branche-RI&E ‘s.

Input

Als u een RI&E gaat maken, heeft u allerlei gegevens nodig. De verzuimgegevens, de registratie van bedrijfsongevallen, samenstelling van het personeelsbestand, informatie over beroepsziekten, productinformatie van toeleveranciers en een overzicht van gevaarlijke stoffen en machines die in de organisatie aanwezig zijn, zijn nuttige input. Ook de arbocatalogus van uw branche biedt u informatie over mogelijke risico’s. Vergeet bovendien het arboplan niet, oude RI&E’s en eventuele rapporten van de Inspectie SZW. Overleg met de preventiemedewerker en de bedrijfshulpverleners. Daarnaast kunt u ook met medewerkers zelf in gesprek gaan, om erachter te komen tegen welke risico’s zij aanlopen in hun dagelijkse werk.

Inventariseren

Stap 1 bij een RI&E is een overzicht maken van de risico’s waar medewerkers op de werkvloer aan blootstaan. Kijk daarbij niet alleen naar de aard van de werkzaamheden, maar ook naar de werkomgeving van de medewerker. Een lawaaiige fabriekshal brengt andere risico’s met zich mee dan een tochtend kantoor. Let ook op de risico’s die specifieke groepen lopen. Hierbij kunt u denken aan ouderen, vakantiekrachten, thuiswerkers en zwangere medewerkers. Voor een duidelijk overzicht van risico’s kunt u onderscheid maken tussen harde en zachte risico’s. De psychische en fysieke belasting van werknemers, de werkomgeving, de inrichting van de werkplek, de werkdruk, de gevaren die voortvloeien uit het werken met machines, de werktijden, de geluidsoverlast en het ontbreken van vluchtwegen horen tot de harde risico’s. Gevaren die ontstaan door geweld, discriminatie, seksuele intimidatie en slechte communicatie vormen zachte risico’s.

Evalueren

Heeft u de risico’s in kaart gebracht? Dan kunt u ze daarna met een rekensom evalueren. Die is: de waarschijnlijkheid dat het voorkomt x blootstellingsfrequentie x effect (letsel of schade) = risico. U doet dit voor elk risico, daarna deelt u de risico’s in klassen in. Bijvoorbeeld in vijf klassen: 1 staat dan voor een te verwaarlozen risico, 5 staat voor een zeer groot risico. U kunt de risico’s natuurlijk ook zonder rekensom indelen in klassen, zolang u maar nagaat hoe groot het risico is. Met het opstellen van risicoklassen komt u er gauw genoeg achter welke risico’s u het eerst moet aanpakken.

Prioriteiten stellen

U kunt zich echter niet met alle risico’s tegelijk bezighouden en zult dus prioriteiten moeten stellen. De gevaren die u in de hoogste risicoklasse heeft ingedeeld, verdienen het eerst uw aandacht. Daarnaast kunt u maatregelen die snel een groot effect hebben, ook hoog op uw prioriteitenlijstje zetten. Verlies ook de wetgeving niet uit het oog. Het spreekt voor zich dat u daaraan moet voldoen en dat kan bepalend zijn als u prioriteiten stelt.

Let wel op: ook al hebben sommige risico’s een lage prioriteit, dat betekent niet dat u deze punten lang kunt laten liggen. Zo is belangrijk om beleid om geweld, seksuele intimidatie en discriminatie tegen te gaan en te voorkomen, ook al blijkt uit uw rekensom dat dit weinig voorkomt.

Plan van aanpak

In het plan van aanpak geeft u aan met welke maatregelen u de risico’s wilt beteugelen. Geef bij ieder risico uit de lijst aan welke maatregel u gaat toepassen, wat de kosten zijn, voor wanneer de maatregel uitgevoerd moet zijn en wie daarvoor verantwoordelijk is. U kunt dit eventueel aanvullen met de precieze datum van acties en de manier waarop u de uitkomst van de maatregel evalueert en registreert. Het plan van aanpak is meestal een meerjarenplan: u hoeft dus niet alle risico’s meteen aan te pakken. U begint met de grootste risico’s.

Volgens de arbowet moet u risico’s zoveel mogelijk bij de bron aanpakken. Richt u in het plan van aanpak dan ook op de oorzaak van de risico’s.

Toetsing

Heeft uw organisatie meer dan 25 werknemers in dienst, dan moet u de RI&E laten toetsen door uw arbodienst of een gecertificeerde arbodeskundige, bijvoorbeeld een veiligheidsdeskundige. Deze professional bezoekt uw organisatie en onderwerpt de RI&E aan een kundige blik. Zo zal hij nagaan of de RI&E reëel, volledig, oprecht en actueel is en daar vervolgens een advies over geven.

Organisaties met minder dan 25 medewerkers hoeven niet de RI&E te laten toetsen als er een erkende branche-RI&E is gebruikt dat is opgenomen in de cao. Organisaties waar totaal maximaal 40 uur per week wordt gewerkt, hoeven hun RI&E sowieso niet te laten toetsen.

Veranderingen

Uiteraard is het van belang dat u de RI&E actueel houdt. Dat betekent dat als er iets verandert dat invloed heeft op de gevaren binnen de organisatie, u ook de RI&E op dat gebied moet aanpassen. U moet u de RI&E bijvoorbeeld aanpassen bij een verandering van de werktijden, de werkwijzen of de middelen waarmee de medewerkers werken, zoals machines of gereedschap.

Laat werknemers weten waar ze de RI&E kunnen inzien, zo zijn werknemers op de hoogte van de risico’s en mogelijke maatregelen.

Sanctie

Iedere werkgever met werknemers in dienst is verplicht een RI&E op te stellen en bij te houden. Als u bij een bezoek van de Inspectie SZW geen RI&E kunt tonen, riskeert u een boete van maar liefst  €4.500 betekenen. De boete voor het ontbreken van een plan van aanpak is verhoogd is €3.000.

Uitgelicht
Uitgelicht